De Pelgrims
| Pelgriwadde? Inderdaad, pelgriwadde? Tot enkele maanden terug hadden wij net hetzelfde gereageerd. Maar tijden veranderen! |
|
pel·grim (de ~ (m.), ~s) |
|
| We geven het toe: wij mogen dan wel snel zijn en onze prooien geen kans laten, we hebben geen vleugels! We zijn dus pelgrims van de eerste soort; we doen een bedevaart. Maar een bedevaart… Is dat niet voor goedgelovige, oude petjes en metjes? |
|
|
|
| Het staat niet in de definitie vermeld dat enkel oude petjes en metjes een bedevaart mogen ondernemen, maar we beseffen wel dat je goed zot moet zijn om uit vrije wil je voeten te martelen. Dat we ‘goed zot’ zijn, staat vast, maar hoe zot precies, vertellen we graag zelf… | |